Blog Hoofd Menu


Blog Q1/Q2 2015
Blog Q3/Q4 2015

Blog Q1/Q2 2014
Blog Q3/Q4 2014

Blog Q1 2013
Blog Q2 2013
Blog Q3 2013


Gastbloggers
Blogger Dave

Home
=> Karper Blog April t/m Juni 2013

Verhaaltjes

Papa, papa, papa!! Boekje lezen? Dochterlief staat met het waargebeurde verhaal “De drie kleine biggetjes” naast me. Gezien het een “boekje” is kan ik jullie ook wel voorlezen, het is tenslotte faceBOOK.

Ergens in de omgeving van Rotterdam (niet) lang, lang, lang geleden leefde er eens drie biggetjes.

De biggetjes waren bang, bang voor de grote boze karpervisser. De grote boze karpervisser liep met zijn vlijmscherpe haken langs het meer op zoek naar biggetjes.

De drie biggetjes hadden al snel door dat ze een schuilplaats nodig hadden om zich te beschermen tegen de grote boze karpervisser.

Het eerste big verstopte zich tussen het drijfvuil. Dit heeft hij verzameld aan de windhoek van het water. De andere twee vonden dit geen goede locatie en zochten verder.

Het tweede biggetje vond een lelie veld om zich tussen te verstoppen. Het derde biggetje was niet overtuigt dat de plaats waar de andere biggen zich verstopte, de juiste plek was. Het derde biggetje zocht verder.

Het derde biggetje zocht en zocht tot dat hij bij een krip uit kwam met grote basalt blokken. Dit moet het zijn, hier ben ik veilig.

De grote boze karpervisser naderde het drijfvuil. Hij voelde dat hier biggetjes te vinden waren en wiep zijn lijn uit. Het biggetje schrok en zette het op een zwemmen. Dat scheelde niet veel. Hij zag neg net dat de boze karpervisser hem achterna komt.

Het biggetje komt aan bij het lelie veld waar biggetje twee zich had verstopt. Hier kwam hij het tweede biggetje tegen. Hij zei 'hier ben je veilig, dit is een stevig lelie veld. Hier kan de karpervisser nooit komen” Helaas had het biggetje het mis, de karpervisser monteerde een drijvende brok en wierp deze zo tussen de twee biggen in. Beide biggen schrokken en namen een sprint uit het lelie veld.

Ook nu weer volgde de grote boze karpervisser. Ze zwommen en zwommen en zwommen tot ze bij het derde biggetje uit kwamen. “Kom snel in de krib, hier ben je veilig zei het derde biggetje”. De grote boze karpervisser zag ze liggen en probeerde bij ze in de buurt te komen. De ene na de andere worp belande tussen de basalt blokken.

Na een uur droop de grote boze karpervisser af. En ze leefde nog lang en gelukkig. Einde! Ik draai me maar mijn dochter en ze kijkt me met twee half dichte ogen aan.

Welterusten lieverd tot morgen.

Winterse eerste nacht.

Vier weken geleden sta ik in mijn tuin. Het zonnetje komt net in de hoek van de tuin, maar hij voelt heerlijk aan. Karper kriebel leven op, en een pan met particals worden met water klaar gezet. De dag erna sta ik aan het water met een paar handen particals. De stek wordt voorzien van wat voer. Het vertouwen is er, ik wist hier al 2 karpers te vangen in 2 sessie.

Toen ik vier dagen aan het voeren was zag ik op het nieuws dat het weer de andere kant op gaat. Er is in maart wel eens eerder een weersverschuiving geweest. Dat weerhoud me niet om de stekjes aan te houden. Niet veel later sta ik dan met twee bevroren klompen die handen moeten voorstellen aan het water. Min 4 met een snijdende wind. Gevoelstemperatuur die zelfs in Noorwegen niet gehaald wordt. Wat een bagger weer, maarja we doen het er maar mee.

De park piraat

Net voor het paasweekend weet ik wat tijd vrij te maken om op mijn stekkies wat aan te klooien. Het maak me niet zo veel uit waar ik ga vissen als ik maar ga vissen. Ben om eerlijk te zijn het avontuur een beetje kwijt geraak. Ondertussen worden de stekken voorzien van wat voer.

Het vissen in de regio is verschrikkelijk geworden. Stekken die geclaimd worden, controleurs die het niet snappen en een SKP voor prutsers. Niet dat ik het altijd snap, nee zeker niet. Maar het kan wel een stuk beter. Het lijkt wel of ik het allemaal in een roes beleef. Voeren werken blanken voeren werken blanken en ga zo maar door. Dit jaar moet anders worden, ik wil avontuur, vernieuwde visgronden en een berg nostalgie en idyllische locaties. We zullen zien of dit gaat lukken.

Terug naar mijn sessie. In vorige jaren zou je me nooit vinden in een parkwater. Maar nu zit ik er dan toch. Even een nachtje vissen, even de knop om. De gedachten dwalen naar opmerkingen vanuit het verleden. Hallo t is tankval niet! En hee! Parkpiraat! spoken door mijn hoofd. Nou daar zit ie dan mister warror de parkpiraat. Haha. Ik trek een biertje open en bemerk dat deze al flink koud is. Bier moet je nou eenmaal koud drinken. De koude klets zonder bevroren tap. Het beloofd een moeizame start te worden, maar wie weet vang ik nog wel een (ijs)beer.

Dromen vervagen als ik s’ochtens wakker wordt. De sloot ligt dicht en mijn vertrouwen aan diggelen.

Wel neem ik de moeite om alles te fotograferen. Traditie getrouw schijf ik een coole tekst op mijn tent. Drie weken voeren en geen schub te bekennen.

Verwachtingen vervuilde mijn gedachten. Aan de andere zijde van de brug zitten nog vier vissers die zich de barsten vangen.

Het enige stuk water waar de reigers ongestoord hun gang kunnen gaan. Ik schiet enkele foto’s en voel mijn handen afkoelen. Wat een aparte omstandigheden.

Niet veel later worden de spullen op de kar geladen en richting huis gebracht. Ik ben moe evenals het metaal, met een drempel veert en breekt de trekstang. Gloeiende visserspraatjes, ook dat nog. Ik kijk om me heen, gelukkig heeft niemand het gezien. Project 167 voor dit jaar is geboren. Gelukkig gebeurd het nabij huis. Ik hoop dat de volgende keer het lot meer aan mijn kant staat.